dinsdag 17 januari 2017

Valse doelen ontmaskerd

Beter ten halve ....

.Afbeeldingsresultaat voor beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald
googleimage

Het was een verstandige zet van de Tweede Kamer om onlangs een motie van Michiel van Veen aan te nemen waarin gevraagd werd om de door de overheid gefinancierde culturele projecten in het buitenland stop te zetten om reden van de volstrekt oncontroleerbare verantwoording door de diverse afnemers van de vele miljoenen aan subsidiegelden. “Volgens de minister gaan we toch weer een miljoen verspijkeren in Mali en Marokko. Ik snap werkelijk niet dat de cultuursector in Nederland niet zelf in opstand komt tegen deze geldverspilling in landen die niets om onze cultuur geven”, zo motiveerde Michiel van Veen zijn motie. In een interessant artikel van Arjan Breukel op de site www.hetnieuwe.viceversaonline.nl getiteld: “Kamer zet Culturele Projecten stop in Buitenland” wordt een genuanceerd beeld van de diverse actoren en belanghebbenden geschetst. Dat vanuit de wereld van het ontwikkelingswerk als eerste belanghebbende de nodige kritiek op dit kamerbesluit te verwachten was is evident. Het verbaast mij daarom niets dat Dat Gertrude Flentge, de manager van de internationale cultuurprogramma’s van de zwaar gesubsidieerde Stichting Doen een van die criticasters was. Met de besteding van de subsidiegelden was volgens haar helemaal niets mis. Als voorbeeld noemde zij de terugkerende hedendaagse kunsttentoonstelling Sonsbeek van onder meer Museum Arnhem in 2016 geleid door het Indonesische kunstcollectief ruangrupa zelfs een geslaagd project. Een slechter voorbeeld had ze niet kunnen kiezen. Terwijl beeldende kunstenaars in Nederland wegkwijnen in armoede bleek Sonsbeek’16 een kostbaar project te zijn dat achteraf bezien in vele opzichten mislukt is. Ik schreef er al eerder over in mijn blog.

donderdag 29 december 2016

Engagement


Autonomie in de Beeldende Kunst.

VM23Arnhemstraatbeeld 2015


Autonomie in de beeldende kunst. Bestaat zij nog, doet zij er nog toe en is zij ook nog wel een beetje te verdragen? Ik schreef er al eens eerder over. In Nederland is het haast vanzelfsprekend dat de verschillende overheden de inkomsten uit belastingen op een zorgvuldige en democratisch gecontroleerde wijze uitgeven ten behoeve van een groot aantal maatschappelijke doelen. Dat zij daarbij niet zomaar over een nacht ijs gaan en de schaarse gelden pas beschikbaar stellen na politieke debatten, het formuleren van lange-termijn visies en het maken van stevige beleidsplannen is een groot goed. Tegelijkertijd kan een dergelijke werkwijze belemmerend, zelfs verstikkend werken, wanneer zij wellicht onbedoeld, veelbelovende initiatieven van burgers in onze voortdurend veranderende maatschappij in de kiem smoort. Dat is ernstig. Hier is beslist een terugkoppeling geboden die het de overheden mogelijk moet maken om deze initiatieven te omarmen. Daartoe zouden aan de overheden wat meer vrije beleidsruimte en daarbij behorend een beperkt doch niet geoormerkt financieel budget gegund moeten worden. Voor de kunsten, in het bijzonder voor de beeldende kunst, kunnen overheden daarbij een belangrijke rol vervullen, niet alleen als opdrachtgever maar vooral als faciliteerder, waarbij zij zich inhoudelijk uiterst terughoudend opstellen ten opzichte van deze initiatieven. Dit zal nog een lastig karwei worden aangezien de overheden zich de laatste jaren steeds nadrukkelijker met het inhoudelijke proces zijn gaan bemoeien, ja zelfs een gelijke positie naast de scheppende kunstenaars zijn gaan innemen die, hoe begrijpelijk ook, wellicht iets te gemakkelijk hun autonomie hebben prijsgegeven in ruil voor deelname aan opdrachten, evenementen en tentoonstellingen die door diezelfde overheden zijn georganiseerd. Burgers, inwoners, kinderen, bakkers, ambtenaren, buren, gepensioneerden, vrijwilligers, amateurs, werklozen, ja wie eigenlijk niet, bepaalden in 2016 in sterke mate het culturele beeld in bijvoorbeeld de stad Arnhem. Als ik de voornemens mag geloven, die op grond van al die utopische beleidsplannen van stad en provincie door betrokkenen zijn uitgesproken om de kunst een voortrekkersrol te laten spelen, wonen we nu in een betere wereld. Dat is natuurlijk onzin.
Met het engagement in de kunst is helemaal niets mis als kunstenaars in alle vrijheid zelf hiervoor kiezen en zich vaak grote opofferingen getroosten om hun idealen waar te maken, maar zij kan en mag nimmer als voorwaarde voor deelname aan kunstmanifestaties door de overheden afgedwongen worden. De beeldende kunst is een vrij gebied waar individuele kunstenaars autonome beslissingen nemen. Zij is vaak zoekend, grillig, provocerend, onbegrepen en schurend langs alle conventies, codes en taboes, zij is soms troostend, verleidelijk en uitnodigend, maar altijd is zij kritisch, onderzoekend en waarachtig. Laten we haar koesteren.        

woensdag 28 december 2016

Kunst is pas kunst als het subsidiekunst is (3)

Let's Wait and See.

     
googleimages2016 

Voor een vrije, open samenleving is de autonome kunst onontbeerlijk. Dit betekent overigens niet dat we haar zomaar aan haar lot kunnen overlaten of, nog erger, juist extra moeten pamperen tot de verstikkingsdood er op volgt. Dit laatste is in Nederland helaas in toenemender mate het geval waarbij de kunstenaars, kunstinstellingen en -initiatieven zich voortdurend en intensief dienen te verhouden met de overheden, haar instituties en haar fondsen om te voldoen aan al haar voorwaarden, formats en controles met als gevolg dat het speelveld voor het experiment en de talentonwikkeling uiterst klein is geworden. Een autonome kunst die, ook inhoudelijk gezien, teveel aan het infuus ligt van de overheden verliest onherroepelijk haar verrassende, scherpe kanten.

Wat een overheid vooral moet doen is om haar subsidiebeleid niet te laten verstarren maar flexibel te houden door tot op een zekere hoogte ruimte te geven aan nieuwe, onafhankelijke initiatieven om zich in de praktijk verder te ontwikkelen en te bewijzen. Laat ik een concreet voorbeeld noemen waarbij ik zelf betrokken ben. Het betreft een bijzonder initiatief binnen het culturele bereik op lokaal niveau dat zich al bijna drie jaar zonder een enkele cent subsidie van de overheid in een leegstaand en onttakeld pand ruimschoots bewezen heeft om het creatieve kapitaal in de stad Arnhem en de verre regio op een zo breed en toegankelijk mogelijke manier zichtbaar te maken. Met prachtige tentoonstellingen van beeldende kunst, experimentele werk- en presentatieplekken voor beeldende kunstenaars, theatermakers, geluidskunstenaars en jonge studenten van de diverse kunstopleidingen in de stad, uitwisselingen met andere kunstinstellingen in de verre regio, enz. Je zou denken dat het lokale bestuur dit initiatief onmiddellijk zou omarmen omdat het voor een groot deel naadloos voldoet aan haar eigen beleidsnotities en -visies. Niets is echter minder waar. De vraag hoe dicht zelfs de lokale politiek nog bij haar burgers staat kan zonder meer ontkennend beantwoord worden. Na een schrijven naar de gemeente en de provincie kon slechts een enkel raadslid en een enkele beleidsadviseur bewogen worden om voor een eerste persoonlijke ontmoeting met de initiatiefnemers de gang naar het pand te maken, waarin behalve een hoogwaardige culturele invulling van de plek, mede uit eigen middelen van de initiatiefnemers zelf zorg wordt gedragen voor het tegengaan van verloedering van leegstand. Een verzoek van het kunstinitiatief aan de gemeente om voor een enkele keer tegemoet te komen aan een dwingende noodreparatie aan het pand wegens lekkages waardoor de geplande tentoonstellingen uitgesteld moesten worden, werd door haar beantwoord met een simpele mail waarin zij schrijft niet op “dergelijke initiatieven” in te kunnen gaan. Nu ook de eigenaar van het pand nadrukkelijk heeft ingezet op de verkoop gaat, zonder alternatief, binnenkort opnieuw een locatie voor de kunst definitief verloren. 

Wat mondiaal en Europees speelt, is ook zeer nabij. De balans lijkt een beetje zoek te zijn. Hoe flexibel kunnen of willen overheden zijn om op een directe manier in te spelen op actuele, veelbelovende initiatieven door deze in de praktijk te ondersteunen. Het botweg weigeren van een paar mille voor het overleven van een prachtig en duurzaam kunstinitiatief maakt in mijn ogen de lokale politiek volstrekt ongeloofwaardig wanneer zij allerlei prachtige culturele doelen weliswaar met de mond belijdt maar tegelijkertijd de initiatieven van haar burgers ontmoedigt, haar eigen fantastische potentieel aan kunstenaars negeert en de kunstgelden met miljoenen tegelijk tegen de plinten laat opklossen met het financieren van onder meer hele rare kunstevenementen die (inter-) nationaal, zowel binnen als buiten de kunstwereld, nauwelijks iets betekend hebben en waarvan achteraf slechts een verder ongelezen "papieren" document ter verantwoording van de gelden resteert met onbewezen conclusies.

woensdag 7 december 2016

Kunst is pas kunst als het subsidiekunst is (2)

Dakdekkers.

Joop met AH tassen over zijn schoenen op het dak van VM23 in een ultieme poging de lekkages te stoppen.   


Op mijn blog schrijf ik over de kunst. Met name over de beeldende kunst. Allerlei invalshoeken en vergezichten komen hierbij aan de orde. Ik schrijf niet alleen over de onmetelijke rijkdom van de kunst, de onvoorwaardelijke overgave aan de kunst en haar onbegrensde vrijheid om te verbeelden maar ook over al haar beperkingen, kleinzieligheden, hypocrisie, kinnesinne, armoede, lange tenen en zo meer. Het is erg gemakkelijk om een persoonlijke gedachte of mening in een artikel neer te schrijven, veel lastiger is het om de consequentie daarvan ook concreet waar te maken. Daarom wil ik bij uitzondering op deze blog een actueel voorbeeld geven van een initiatief waarbij ik zelf betrokken ben, n.l. de Galerie & Tentoonstellingsruimte VM23 in Arnhem, zie ook www.vm23.nl .

Terwijl we even pas op de plaats maken in VM23 aan de Ir JP van Muijlwijkstraat 23 in Arnhem om de problemen met lekkages in het onttakelde gebouw op te lossen gaan de contacten met de kunstenaars gewoon door en staan er dank zij het fantastische creatieve kapitaal in de stad en de verre regio voor het jaar 2017 weer prachtige tentoonstellingen in de steigers. Voor zover wij als een niet-gesubsidieerd kunstinitiatief het zelf niet met enkele rollen aluminiumtape kunnen oplossen zijn wij daarbij afhankelijk van derden. Dat betekent dat in het al vele jaren leegstaande pand dat gelegen is tussen het Centrum en het Modekwartier in Arnhem, waar wij al bijna drie jaar met een brede programmering een toegankelijk doch hoogstaand en verrassend aanbod van beeldende kunst tonen, even niet verder kunnen. In het recente verleden zijn door de Gemeente Arnhem niet alleen vele miljoenen geïnvesteerd in het ondersteunen van de creatieve industrie, het ontwikkelen van het Modekwartier, het opknappen van wegen en het tegengaan van leegstand maar ook in het stimuleren van initiatieven van haar burgers. Hoewel ons succesvolle kunstinitiatief naadloos in al deze beleidsvisies van de Gemeente lijkt te passen, blijven wij tegelijkertijd haast volledig buiten haar gezichtsveld. Zelfs nadat wij herhaaldelijk de burgermeester, wethouders en raadsleden van Arnhem daartoe hebben uitgenodigd, mochten wij tot op heden slechts een enkele beleidsambtenaar en een enkel raadslid in onze ruimte aan de Ir JP van Muijlwijkstraat 23 ontmoeten. De vraag is gerechtvaardigd hoe dicht de lokale bestuurders en politici met cultuur in hun pakket bij haar burgers staan.

Hoe zit het? Ons pand is eigendom van de corporatie Portaal. Nadat de corporaties in Nederland een aantal jaren geleden door de politiek zijn terug gefloten nadat zij net iets te ambitieus wel hele rare dingen gingen doen - we kennen de voorbeelden – heeft Portaal ook haar plannen met dit pand noodgedwongen moeten schrappen en ziet zij voor haar zelf geen andere rol meer weggelegd dan om afstand te doen van het pand. Onder die voorwaarde heeft zij ons toegestaan om het pand tijdelijk ten behoeve van de kunsten te benutten, waarbij zij ons onder meer tegemoet komt in de energiekosten, waarvoor wij haar zeer erkentelijk zijn. Omdat het pand voor haar geen project meer is zal Portaal er verder geen geld meer insteken, ook niet voor dakdekkers. Dat is te begrijpen.

De consequentie van dit alles is dat het zo maar kan zijn dat een prachtig initiatief zoals Galerie & Tentoonstellingsruimte VM23, dat als een aanvulling op de bestaande, gesubsidieerde kunstplekken, ruimschoots bewezen heeft om het creatieve kapitaal van een stad en de verre regio voor haar burgers zichtbaar en toegankelijk te maken, voor slechts een paar mille om zeep kan worden geholpen. Dit scenario is niet denkbeeldig. Hier ligt nadrukkelijk een taak voor een overheid die bereid is om in vertrouwen ons initiatief te faciliteren. Daar zijn vast wel potjes voor. 



donderdag 17 november 2016

Kunst is pas kunst als het subsidiekunst is (1)

Stenen.


Googleimagestones


Terwijl de gemeentelijke en provinciale overheden in Arnhem en Gelderland volop bezig zijn om de vele miljoenen aan kunstgelden - het begint nu toch wel een hele slechte gewoonte te worden - vooral in te zetten voor “stenen” en zij nu opnieuw van plan zijn om nieuw te bouwen voor het Filmhuis, het Museum Arnhem, Musis & Stadstheater Arnhem en naar verluidt binnenkort ook voor een onderkomen voor een overigens niet onverdienstelijk theatergezelschap, verwaarlozen zij haar eigen creatieve kapitaal en kwijnen lokale beeldende kunstenaars en kunstinitiatieven weg in armoede. Dat is op zich zelf al onthutsend te noemen, maar dat deze overheden zich ook nog eens nadrukkelijk bemoeien met de inhoud van de beeldende kunsten zelf en daarmee de kunstenaars hun autonomie ontnemen in ruil voor een fooi, is hen aan te rekenen gezien de recent door haar gesubsidieerde grootschalige en kostbare tentoonstellingen van beeldende kunst, zoals Sonsbeek’16 en de Biënnale Gelderland, waarbij de beeldende kunst door diezelfde overheden voor nog heel veel meer miljoenen als een politiek correct middel werd ingezet om ten behoeve het welzijn van de burgers vooral te “verbinden”, “de sociale cohesie te versterken”, “ de integratie te bevorderen”, “ het vluchtelingenprobleem op te lossen”, “ons schuldig te laten voelen over het koloniale verleden” , “het westerse kunstbegrip om zeep te helpen”, “de kunst gratis als een cadeautje te geven” en nog heel veel meer van diezelfde vage, ongrijpbare, onzinnige, absurde en volstrekt oncontroleerbare doelen. Ik citeer slechts, de lijst is eindeloos. Al deze tentoonstellingen hebben ondanks de stuitend positieve, “ingestoken” berichten in de media zowel nationaal als internationaal zowel binnen als buiten het kunstenveld helemaal niets betekend. De subsidiegelden, inclusief de verliezen, voor al deze bouwactiviteiten, evenementen en tentoonstellingen zullen uiteindelijk op enig moment “op papier verantwoord" weggewerkt worden zonder ook maar enige terugkoppeling, feed back of anderszins over de bereikte effecten, doelen, etc. Het is puur weggegooid geld.


  

donderdag 6 oktober 2016

Blij met een dode mus?

You Happy?

Afbeeldingsresultaat voor blij met een dode mus
googleimagecatandotherthings

Toen zij zelfs al voor aanvang van Sonsbeek'16 de nodige veren in haar eigen achterste had gestoken met volstrekt kritiekloze jubelverhalen in de diverse media, heeft de organisatie van de internationale beeldententoonstelling Sonsbeek'16 in Arnhem Nederland bij de afloop van de door haar georganiseerde tentoonstelling alvast haar eigen conclusie getrokken dat deze een groot succes was geweest, ja misschien was het wel de beste Sonsbeek ooit. Als dank voor de zegenrijke bijdragen die het curatorenteam ruangrupa uit Indonesië volgens haar eigen zeggen heeft geleverd aan het provinciestadje Arnhem onder meer door het versterken van de sociale cohesie in de stad en het aan de orde stellen van de morele en financiële problemen in de wereld, heeft het Burgemeester en Wethouders van Arnhem behaagd een muurschildering en een tafeltennistafel aan te kopen. Zijn we nu een hele grote familie en zien we naar elkaar om? Ik kan nauwelijks onderdrukken dat ik behoorlijk cynisch word van zoveel naïviteit. Dat is nog mild uitgedrukt. Blijkbaar klotsten de kunstsubsidiegelden tegen de plinten op en wist men geen raad met al die miljoenen die in arren moede besteed zijn aan helemaal niets, waarmee het aanzien en de betekenis van de beeldende kunst zowel in de ogen van het grote publiek als het professionele veld beschadigd is. Het is gewoonweg weggegooid geld! Laten we daar niet kinderachtig over doen.  
Voor de vele beeldende kunstenaars in de regio Gelderland is het dagelijks overleven al een kunst op zichzelf. Het is armoede troef. Hoe doen zij het toch? Met een behoorlijk budget en een uitzicht op deelname aan een volgende (internationale) tentoonstelling in Arnhem of elders op een van de vele andere prachtige plekken in de provincie zullen zij, indien daartoe uitgenodigd en kennende hun kwaliteiten, met verrassende voorstellen komen voor fantastische werken waaruit het nog moeilijk kiezen zal zijn.  

vrijdag 23 september 2016

Het gaat alweer een beetje beter

70-er jaren.

googleimagelievelingstasje

Op het artikel Joseph Beuys in Arnhem (1) dat Peter Nijenhuis schreef op zijn blog "De wereld werkt in Arnhem" waarin hij Jan Brand (ArtEZ) interviewt is veel af te dingen, onder meer dat de voorganger van ArtEZ, de Academie voor Beeldende Kunst Arnhem, een niet onbelangrijke rol vervuld zou hebben in de internationale avant- garde kunst. Maar wat mij toch weer een beetje blij maakt en wat ook in het gehele artikel doorklinkt, is het haast onbegrensde enthousiasme van zowel kunstenaars als organisatoren in de 70-er jaren om tegen de verdrukking in allerlei maatschappelijke conventies te slechten en de grenzen van de kunst te verkennen en op te rekken.

Mijn hoop is dat kunstenaars de komende jaren met ditzelfde elan de beeldende kunst terugveroveren, ditmaal van de ambtenaren met een betaalde baan binnen de lokale cultuursector en de politici met cultuur in hun pakket die allen zonder enige gene bezit hebben genomen van de kunstgelden en daarmee, zonder de tussenkomst van een onafhankelijke kunstcommissie, bepalen welke evenementen er georganiseerd, welke opdrachten er verstrekt en welke aankopen er gedaan worden om daarmee uitsluitend politiek correcte doelen te dienen. De vele tonnen kostende Biënnale Gelderland 2016 voldoet in haar opzet volledig aan deze doelen, ja stelt zelfs, dat kunst iets kan zijn wat de wereld beter maakt. Als ware het een cadeau aan de wereld. Hoe klef en onwaarachtig wil je het hebben?
Nu moet ik wel een fout herstellen. De feiten moeten immers kloppen. In een eerder artikel schreef ik dat een van de deelnemende kunstenaressen aan de Biënnale het op de kledingkast van de museumdirecteur had voorzien, maar naar nu blijkt - het zijn niet mijn woorden - zal ze in een grote tekening gastvrijheid geven aan het lievelingstasje van de museumdirecteur. 

Wil ik dat zien?  

maandag 12 september 2016

Nog steeds een beetje misselijk

Overheid en kunst.

Het overheidsproject Sonsbeek'16 schattig en liefdevol verbeeld.

Ik las een mooi artikel van Peter Nijenhuis op zijn blog over kunst waarin hij Jan Brand interviewt over de jaren zeventig en het bezoek van Joseph Beuys aan Arnhem. Een passage uit dit interview had mijn bijzondere belangstelling. Ik citeer:
“De kunst die Beeren in 1971 tijdens Sonsbeek liet zien, was een uitvloeisel van de vernieuwingen die in de tien jaar daarvoor in de kunst hadden plaatsgevonden. Beeren liet, anders gezegd, de avant-garde zien. Van de traditionele artistieke middelen en de scheidingen tussen genres als schilderkunst, sculptuur en literatuur trok men zich in avant-gardekringen niets meer aan. En met het aan de traditionele kunst verbonden discours, zoals bijvoorbeeld de romantische opvatting van het kunstwerk als een individuele uiting van de kunstenaar die daarmee een materiële vorm gaf aan een innerlijke waarheid of hoger idee, had men in avant-gardekringen evenmin veel op. Wat een kunstwerk was, hoe het eruit kon zien, tot stand kwam en hoe je erover kon praten, kreeg door de avant-gardekunst van de jaren zestig en zeventig een totaal andere inhoud. Tegenwoordig is dat volkomen aanvaard, maar in 1971 leidde de presentatie van nieuwe kunst tijdens de Sonsbeektentoonstelling tot grote publieke commotie. Zelfs kunstenaars en kunstcritici liepen ertegen te hoop. “
Van wie de conclusie is, dat de “vernieuwingen” die de avant-gardekunst ons bracht nu volkomen aanvaard zijn, weet ik niet. In ieder geval is deze conclusie niet waar. Niet alleen heeft de “romantische” opvatting van het kunstwerk, nu 50 jaar later, de tand des tijds glansrijk doorstaan, worden er volop kunstwerken gematerialiseerd en verhandeld, worden er zelfs nieuwe (particuliere) musea voor opgericht en zijn ook de meeste producten, ideeën, acties, concepten enzovoort van de z.g. “nieuwe” kunst die toen relevant waren als sneeuw voor de zon in een heel groot zwart gat verdwenen. Echter, een van de effecten van die wel heel ruime opvatting van het kunstenaarschap, waarbij authenticiteit, individualiteit en vakmanschap er niet meer toe deden, heeft als een schadelijk soort virus overleefd. Over de rug van de kunstenaar kijken, vaak met instemming van de kunstenaar zelf, meerdere partijen mee en bepalen mede het kunstwerk. Daar waar het particuliere initiatieven of opdrachten betreft, kan ik het nog wel billijken maar als er overheden met een zak geld in het spel zijn wordt het altijd weer grotesk, corrupt en zelfs pervers met als gevolg politiek correcte kunst, nuttige kunst, kunst die verbindt, kunst die bijdraagt aan de sociale cohesie en zo voort. Hoewel nooit iemand het positieve effect hiervan voor de samenleving heeft kunnen meten en vaststellen worden kunstenaars voor een paar centen wel de rol van wereldverbeteraar opgedrongen. De overheid zou zich nooit met de inhoud van de kunsten bemoeien. Wordt het niet eens tijd de kunst terug te veroveren?


zaterdag 10 september 2016

Een beetje misselijk

Overheid en kunst.

Google image cliché.  

Hebben we net de tentoonstelling Sonsbeek’16 in Arnhem gehad met een beschamende armoede aan beelden en een overdaad aan spelletjes, discussies, onderzoekjes en andere kinderachtigheden, krijgen we als klapstuk ook nog  eens de Biënnale Gelderland gepresenteerd met nog heel veel meer politiek correcte kunst tot je er werkelijk onpasselijk van wordt. Na de miljoenen voor Sonsbeek kunnen die paar tonnen overheidsgelden voor de Biënnale er ook nog wel bij. De gelden voor de kunsten klotsen tegen de plinten op zou je denken. Niets is echter minder waar. Het is schrijnend om zoveel geld naar een paar kortstondige en discutabele exposities te zien gaan ten koste van vele fantastische kunstenaars in de regio.

De curator van de Biënnale Gelderland in het najaar van 2016 heeft een heel raar idee verzonnen waarbij de geselecteerde kunstenaars uit Gelderland eerst in gesprek gaan met een inwoner van Arnhem (wonende binnen een vooraf bepaalde omtrek in de stad) om vervolgens, jawel als een cadeau, een beeldend werk voor hem of haar te maken. Onder het thema Living, Giving wordt onder andere een kledingkast en de blingbling getoond van Saskia Bak, de directeur van het museum Arnhem, en een party georganiseerd voor een woongroep.
Gaandeweg merkte de curator dat niet alle door haar uitgekozen kunstenaars met haar concept uit de voeten konden. Ook de kunstenaars die toch een eigen dingetje willen doen mochten plots deelnemen. De tentoonstelling is daarmee elastischer, rijker en veelzijdiger geworden, zo vertelde de curator. Wat een onzin. Het verantwoorden van keuzes binnen de kunst is daarmee niet meer dan een woordspelletje geworden.


Ik kan niet anders dan constateren dat de verschillende overheden zich wel degelijk inhoudelijk bemoeien met de kunsten, terwijl zij ooit beloofd hebben dit nooit te zullen doen. Het is evident dat alleen de “nuttige” kunst, dat is kunst die bij zou dragen aan allerlei politieke doelen, zoals integratie en verbinding, nog door haar gesubsidieerd zal worden. De kunstenaar als wereldverbeteraar.
Wordt het niet eens tijd dat de beeldende kunstenaars de kunst terugveroveren ten koste van al die niet-productieven die wel betaald de dienst uitmaken in kunstenland?

zondag 28 augustus 2016

Een vraag

Is alles Cultuur?

Cover Buch Christian Thies.

Heel even dacht ik te maken te hebben met de walgelijke presentatie in het kader van de beeldende kunsttentoonstelling Sonsbeek'16 in Arnhem met een modeshow van oranje zwemvestjes om het kunstpubliek bewust te maken van de vluchtelingenproblematiek. Hoe pervers en wat een onzin. Tot mijn opluchting dien je het oranje vestje in deze afbeelding slechts te dragen bij pech op de Autobahn en kun je dit fantastische boek zonder enige schroom lezen om het (container)begrip cultuur, dus ook de kunsten, te bezien en vooral de rol van de overheden hierin.