woensdag 3 oktober 2012

Natuur

Vleespaarden.

Nabij Pannerden.

Waar de uiterwaarden van de rivieren Rijn, Waal en IJssel binnen de randvoorwaarden van veiligheid, ecologie en economie voor een deel worden teruggegeven aan de natuur ontstaan er optisch gezien gevarieerde en pittoreske plekken. Deze lijken weliswaar op natuur maar zijn dat in de verste verte natuurlijk niet. Ook deze plek nabij Pannerden voldoet daar niet aan. Het is gewoon een weiland met vleespaarden. Omdat het weiland grenst aan een beschermd "natuur"gebied ontstaat er toch iets moois. Waar zowat iedere vierkante centimeter in Nederland gecultiveerd is kan iedere plek die de Nederlander een beetje vrij en open laat net even wat ruimte geven voor mooie dingen. Paarden in de schaduw onder de bomen. Dat beeld is voor mij al goed genoeg. Toch hoop ik dat het niet meer lang zal duren tot ik in het buitengebied een foto kan maken die kan wedijveren met De Stier van Paulus Potter.

dinsdag 25 september 2012

Beffen (2)

Onschuldig Raam



Het is interessant om hits en reacties te krijgen op de artikelen die ik over de kunst in deze blog schrijf. De meeste hits en reacties krijg ik op een artikel met de titel “Beffen”. Blijkbaar scoort een controversiële titel erg goed en genereert daarmee extra dataverkeer. Dit is immers ook het verdienmodel van de moderne media en het is verleidelijk om daarin mee te gaan en de inhoud van de artikelen daarop af te stemmen. Het kerkraam hierboven werd mij door een lezer toegezonden. Ik ken het raam zelf niet. De oprechtheid en onschuldigheid waarmee dit raam ooit gemaakt moet zijn, kan met de kennis van de kwalijke praktijken binnen de katholieke kerk niet meer op diezelfde manier gezien worden. Dat is jammer. Het beeld zelf is niet veranderd. De interpretatie van dit beeld echter wel. We zien wat we willen zien.  


vrijdag 21 september 2012

Vooroordeel

Monte Sibilla (Italië).



Als je met een auto een zeer smalle grindweg van zo'n 10 kilometer lengte afrijdt op de Monte Sibilla in Italië, een berg van meer dan 2000 meter hoogte, en er glijdt halverwege over het losse grind een andere auto van de achterzijde bij je naar binnen terwijl je net van te voren met je medepassagiers hebt gecommuniceerd dat de auto die achter je rijdt van een Nederlander is en wanneer die van een Italiaan zou zijn geweest je hem onmiddellijk voorgelaten zou hebben, stel je jezelf toch een aantal vragen waarom je dat nu eigenlijk denkt. Die Nederlander hield tot halverwege keurig afstand, zo zag ik in mijn spiegel, en zou in het restant van de afdaling ook wel afstand blijven houden, zo was mijn gedachte. Nederlanders zijn immers betrouwbare, rationele mensen. Daar kun je van op aan. Dit ondanks het feit dat ik wist dat de bestuurder na een inspannende bergwandeling bij het bergstation op de top nog een flinke fles bier had gedronken. Dit ondanks het feit dat er met name bij de "achtervolger", toch iets van een wedstrijd kan ontstaan over wie het snelst een berg kan afrijden. Dit ondanks het feit dat mijn dochter die op de achterbank zat, net even voor de aanrijding zei dat de auto achter mij verraderlijk dichtbij kwam. Gelukkig raakte niemand gewond. Had ik maar geluisterd. Nog beter: Had ik die Nederlander eerder maar voorgelaten. 
Nu houd ik veel van kunst. Het confronteert, relativeert, zet je op het verkeerde been, verrast, lenigt de geest, nodigt je uit tot introspectie en nog veel meer van die dingen. Je zou bijna gaan denken dat de kunst al je vooroordelen zou kunnen wegnemen. Niets is minder waar. Kunst leert je niets over het leven. Laat staan over vooroordelen. Maar misschien is dat ook weer een vooroordeel.     

donderdag 13 september 2012

Horizon

Een alledaags beeld.

Gezicht op Emmerich am Rhein 2012.

Een grote verscheidenheid aan allerlei verticaal gerichte objecten is zichtbaar in dit beeld van een horizon. Op de een of andere manier lijkt de hybride staat waarin onze alledaagse leefomgeving zich toont in al haar contrasten, onsamenhangendheden en irrealiteiten, meer de “normale” werkelijkheid te vertegenwoordigen dan de haast "naïeve" voorstelling die de mens van de werkelijkheid maakt vanuit haar noodzaak om die complexe omgeving te begrijpen en te ordenen. Deze naïeve voorstelling van wat een voor haar normale omgeving is, bestaat vooral uit duidelijk afgebakende en te benoemen grootheden zoals stad, land, huis, tuin, weg, hek, boom, bloem, dier, lucht, aarde, weg, rivier, etc. Je zou het een overlevingsstrategie kunnen noemen om je te wapenen tegen een wereld die steeds afstandelijker, gekker en onbegrijpelijker wordt. Het merkwaardige is dat wanneer je een "normale" wereld wilt afbeelden je behoorlijk onrealistisch zelfs surrealistisch te werk dient te gaan. Omgekeerd bestaat er veel realistische kunst die je eerder naïef zou kunnen noemen.

maandag 13 augustus 2012

Robot


Sturing of toeval?

Robot. Tekenmachine IV, tekening 5, 150 x 275 cm.

Als je zomaar een aantal snel roterende koolstofstiften loslaat op een vel papier krijg je gewoonweg chaos. Mocht er dan toch iets van een afbeelding ontstaan, zou je dit met recht een toeval kunnen noemen. Als je van te voren een globale structuur verzint, waarbij de stiften het papier op bepaalde plekken harder en vaker raken zullen er op die plekken donkere vlekken, stippen en lijnen ontstaan. Die structuur kan bijvoorbeeld bestaan uit een vooraf gekozen figuratieve of meetkundige vorm. Je stuurt dan als het ware naar een afbeelding toe. In de hierboven staande afbeelding was het de opdracht aan de tekenmachines met roterende stiften om een “mensfiguur” te tekenen. Dat de machines vervolgens zelfstandig aan het werk zijn gegaan om die mensfiguur te tekenen met als resultaat dat zij er in mijn perceptie een onvervalste robot van hebben gemaakt, is op haar beurt weer een toeval te noemen. Sommige mensen geloven helemaal niet in het toeval. Zij geloven in een Masterplan, het Lot of het Creationisme. Zou er dan toch een sturende hand bestaan die graag robots wil tekenen? Ik geloof daar helemaal niets van.

zaterdag 11 augustus 2012

Waarnemen


Ras gesigneerd. (w.sch.) Dr. P.H.J.J. Ras.
Huizen in Landschap -doek- 55 x 75 cm.


Ik bezit meerdere werken van Ras gesigneerd (toegeschreven aan dr. P.H.J.J. Ras, entomoloog). Het heeft mij verwonderd dat een entomoloog die binnen zijn vakgebied met de grootste precisie de verschijningsvormen van allerlei kleine beestjes heeft waargenomen en gedocumenteerd, weliswaar als amateur, zowel tijdens als na zijn werkzame leven, zeer vlot geschilderde, sterk geabstraheerde landschappen heeft gemaakt. Op het internet kun je onder andere de gedigitaliseerde notulen van de jaarlijkse vergaderingen van de Vereniging voor Entomologie vinden: http://www.archive.org/stream/tijdschriftvoore24188081nede/tijdschriftvoore24188081nede_djvu.txt
Je waant je dan even in een andere wereld. Op deze vergaderingen deelden de wetenschappers elkaar mee welke nog onbekende soorten zij op hun verre reizen in de natuur hadden gezien en met de grootste zorgvuldigheid hadden beschreven. Nu heeft de kunst met de wetenschap gemeen dat zij sterk hecht aan de zuivere waarneming. Je kunt zowel zeer gedetailleerde waarnemingen doen als meer het totaal beschouwen. Het aardige bij Ras is nu dat hij vanuit beide visies kon werken. Met een paar levendige, suggestieve toetsen en met een minimum aan kleur, wist hij op een treffende wijze een totaalbeeld neer te zetten.



donderdag 9 augustus 2012

Vervalsen


Rembrandt zelfportret.


Op een veiling kocht ik onlangs voor een paar euro een werk dat een zelfportret van Rembrandt voorstelt. Het is ingelijst in een mooie donkere lijst. Aan de achterzijde van deze lijst vond ik een brief, gedateerd 14 december 1958, waarin de directeur van het Provinciaal Overijssels Geschiedkundig Museum te Zwolle, de heer Joh. W. Schotman, een zeer uitvoerig antwoord geeft op de vraag van de toenmalige eigenaar van dit werk, de heer Tjeenk Willink, om te onderzoeken of dit werk een origineel is. Het antwoord is ondubbelzinnig. Het gaat hier om een vervalsing. Het is een overgeschilderde kleurenlitho. Waarschijnlijk heeft de eigenaar dus veel te veel voor het werk betaald. Dat komen we verder niet te weten. Wel schrijft de directeur in zijn brief: “ Een illuzie…..en wat doet het er toe? Is het werk niet even boeiend, op papier, op doek of als projectie op een scherm?”. Hiermee verwijst de directeur in zijn brief impliciet naar Walter Benjamin, die al in 1936 een boek heeft geschreven getiteld: The Work of Art in the Age of Mechanical Reproduction. Iedereen zou zonder ook maar enige rooie cent een kunstwerk moeten kunnen bezitten. Een reproductie of kopie van een kunstwerk was daarvoor al goed genoeg. Dat is natuurlijk onzin. Ik geloof niet dat dit een troost is voor alle kunstverzamelaars die ooit met eigen geld een vervalst werk gekocht hebben. Het blijft daarom oppassen met al die kleurenlitho’s van grote meesters als Dali, Arp en Picasso en met al onze eigen "helden" zoals Corneille, Brood, Heijboer en Gubbels die tot op heden voor echt verkocht worden. Het is regelrechte oplichting. Kunstliefhebbers zouden beter kunnen investeren in jonge, goedkope en authentieke  kunstwerken. 

donderdag 2 augustus 2012

Innovatie

Is dat nu conservatief of progressief?


Installatie Camera Obscura, Nijmegen.

In het Hooghuis in Arnhem bouwde ik ooit een installatie met televisies voorzien van lenzen. Een soort veredelde camera obscura, die talloze beeldfragmenten projecteerde op alle wanden van de ruimte. Het was fantastisch om hiermee onder andere een videoclip van de Bangles, “Walk like an Egyption” gesplitst in honderden beeldfragmenten op het keiharde ritme van het geluid te horen en te zien. Om mijn primitieve techniek te verbeteren heb ik daarna zonder enig resultaat vele verzoeken aan Philips gedaan om te mogen experimenteren met haar nieuwste video en lcd producten. Afgezien van het feit dat Philips internationaal fantastisch presteert door tot op heden haar businessmodellen voortdurend en adequaat bij te stellen, heeft het mij toendertijd verbaasd dat zij nimmer beeldende kunstenaars uitnodigde om deel te nemen in de ontwikkeling van haar producten. Ik herinner mij dat de medewerkers van het NatLab van Philips begin jaren ’80 dit best wel zagen zitten, maar bij een managementlaag net daar boven was het einde verhaal. Dit terwijl concurrent Sony al in de jaren eind ‘70 om marketingredenen volop investeerde n het innovatieve imago van haar producten door onder andere Amerikaanse dienstweigeraars die tijdens de Vietnam oorlog naar Europa waren uitgeweken te faciliteren met haar state of the art producten en hen toen regelmatig lieten overvliegen naar Japan voor de laatste updates. Toen wij in Europa nog niet meer dan simpele overvloeidia’s maakten, kwamen deze jongens uit Japan terug met de nieuwste elektronica. Ik herinner mij Jack Moore, die toen in Arnhem woonde en werkte. Waanzinnige, snelle videobeelden op het ritme van het geluid. Zijn couscous was trouwens ook subliem. Ik vond toen dat Philips een grote kans miste. Zij was weliswaar zeer innovatief maar in mijn beleving ook zeer conservatief. Achteraf, nu ik meer afstand heb, begrijp ik pas dat het begrip innovatie niet altijd hoeft samen te vallen met de term progressiviteit. Als steeds meer mensen ouder worden en ook steeds meer kwaliteit van leven wensen zal daar omheen een steeds groter netwerk moeten worden gebouwd. De elektronica daarvoor bouwt Philips. Dat is zowel innovatief als conservatief. Dat heeft Philips heel goed gezien. Toch blijft het een beetje knagen. Er zijn ook nu hele goede jonge kunstenaars die graag zouden willen participeren in experimentele onderzoeksprogramma's van het bedrijfsleven. 

zondag 29 juli 2012

Voorkennis

Een schoolfoto.


Zonder enige voorkennis kun je in deze foto toch veel lezen. Het is onmiskenbaar een klassenfoto. Het geeft daarmee een context en vooral ook een beeld van de tijd. Bijvoorbeeld over de mode in kleding en haardracht of over het aantal, de sekse of de opstelling van de personen. Op de foto staan een oudere heer, 6 meisjes en 24 jongens. De leerlingen op de foto zijn ordelijk in 3 rijen geplaatst. De heer links is waarschijnlijk de docent en staat op een belangrijke plek vooraan, even los van de groep. een tegel vanaf het gat links. De meisjes staan samen op de eerste rij en worden links en rechts aangevuld door twee jongens die gespiegeld staan. Daarachter staan op de tweede en derde rij alle andere jongens. Wat je in deze foto nauwelijks kunt lezen, is de plek waar deze foto genomen is. Het lijkt waarschijnlijk dat het de school is waar deze leerlingen ook studeerden. Niets is minder waar. Deze schoolfoto is gemaakt in 1967 van de klas HBS 5B van het Katholiek Veluws College in Apeldoorn. Ik zat in deze klas. Dit is niet de plek waar wij gestudeerd hebben. Dat was een simpel houten noodgebouw elders. Deze foto is genomen op de trap van de entree van de nog in aanbouw zijnde nieuwbouw van de school. De plek die ons ooit beloofd was om af te studeren. Een goede beschouwer zou echter, ook zonder die informatie, direct gezien hebben dat de locatie op deze foto niet helemaal klopte. Linksboven op de foto is immers een steigerpaal en een reflectie van een stellage in het glas te zien en zowel links- als rechtsonder op de foto een diep gapend gat. Ook een gewone schoolfoto is net als een kunstwerk een beeld met allerlei lagen en betekenissen. Om je in een museum te helpen bij het kijken naar kunst wordt er door de educatieve dienst vaak een uitleg gegeven. Je kunt dan de uitleg bij een tentoongesteld kunstwerk lezen en daarna het beeld daarop bevragen. Je kunt ook eerst naar het beeld kijken en daarna je ervaring toetsen aan de uitleg bij het kunstwerk. Educatieve diensten zijn eigenlijk overbodig. Het beste is om zelf te leren kijken.  

maandag 16 juli 2012

Gewoon


Ceci n’est pas un concombre.


Deze tijdelijke installatie aan de gevel van het pand van de Melkfabriek Den Bosch was opgebouwd uit komkommers, koperdraad, speakers en miniversterkers. Het geheel werkte gedurende een aantal dagen als een verrassende doch chaotische middengolfontvanger. Zonder de subsidiegelden van de diverse overheden zou dit bijzondere project waarschijnlijk niet hebben plaatsgevonden. Of dit project ook werkelijk een kunstwerk was dat iets waardevols bijdroeg aan het culturele klimaat in de stad en omgeving, zal waarschijnlijk nooit duidelijk worden. Feit is wel dat haast iedere bezoeker van het festival deze installatie als iets volstrekt vanzelfsprekends ervoer, terwijl daarvoor geen enkele aanleiding was door de uiterst merkwaardige configuratie van deze radio-ontvanger. Hoe kan zoiets raars toch werken? Blijkbaar nemen we het allemaal voor lief.
Om die verbazing te beleven verlang ik wel eens terug naar de tijd van het eerste vliegtuig en de eerste auto, trein, zeppelin, film of foto. Dat had ik graag eens willen meemaken. Kunst en wetenschap hebben altijd nauwe, hartelijke relaties onderhouden. Helaas is het nu de tijd van het Higgsdeeltje. Dat zie je helemaal niet, dat kun je alleen maar indirect aantonen met uiterst ingewikkelde proefopstellingen en berekeningen. Als die wereld haast niet meer zichtbaar is voor een wetenschapper, laat staan voor een eenvoudige kunstenaar, moet dat onontkoombaar consequenties hebben voor de moderne beeldende kunst. Ging het vroeger nog over zichtbare aspecten als licht, kleur, toets, thema, stijl of compositie, hoe schilder je nu in godsnaam een niet- of antideeltje dat zich helemaal niet netjes houdt aan de wetten van onze zichtbare werkelijkheid? Kunst en wetenschap lijken hier verschillende wegen te gaan. Voor de beeldende kunst lijkt het "hier en nu" , het persoonlijke, subjectieve, alledaagse en zelfs banale steeds meer bepalend en leidend te worden.